Hoe het lichaam systemen waarneemt voordat het hoofd begrijpt
Ik loop een ruimte binnen en ik weet het al.
Nog voor er iemand iets heeft gezegd. Nog voor ik iets heb gezien wat ik zou kunnen benoemen. Er is iets. In de lucht, in de stilte, in hoe iemand uit haar ogen kijkt of haar voeten kruist. Een subtiele samentrekking in mijn borst. Of een lichte verandering in mijn ademhaling.
Vroeger noemde ik dit ‘een gevoel hebben’. Later leerde ik dat het veel preciezer is dan dat.
Wat er op dat moment gebeurt, is geen toeval en ook geen mystiek. Het is mijn zenuwstelsel dat informatie verwerkt. Informatie over het systeem waar ik in stap. Dynamieken, spanningen, onuitgesproken dingen die tussen mensen hangen. Mijn lichaam leest het systeem, nog voordat mijn hoofd het kan bevatten.
Ik noem dit ‘somatische systeemperceptie’.
Het vermogen van het lichaam om patronen, spanningen en dynamieken in een systeem waar te nemen. Niet via analyse, maar via directe lichamelijke gewaarwording.
Waarom ik hier een woord voor zocht
In mijn werk als lichaamsgericht therapeut gebruik ik dit vermogen voortdurend. Ik zit naast iemand, luister naar het verhaal. Maar, met minstens zoveel aandacht voel ik wat er in míjn lichaam beweegt.
Soms trekt mijn aandacht naar iets wat nog niet gezegd is. Soms voel ik druk in mijn borst precies op het moment dat iemand een naam noemt. Soms komt er een beeld op, of voel ik een plotselinge stilte in mezelf, terwijl de cliënt juist doorpraat.
Die signalen gebruik ik. Voorzichtig en precies. Niet als conclusies, maar als aanwijzingen. Aanwijzingen die me dichter bij de kern brengen dan welk analysemodel ook.
Toch miste ik een woord voor wat er precies gebeurt. ‘Intuïtie’ voelde te vaag. ‘Empathie’ te breed. ‘Resonantie’ deels, maar niet volledig. Ik wilde iets wat zowel het somatische als het systemische in zich draagt. Want beide zijn onlosmakelijk verbonden in wat ik waarneem.
Vandaar: somatische systeemperceptie.
Drie lagen van waarneming
In de loop van jaren – in sessies, in supervisie, in mijn eigen therapie en groei – heb ik geleerd dat dit vermogen uit drie lagen bestaat die elkaar versterken. Ik bespreek ze apart, maar in de praktijk vloeien ze voortdurend in elkaar over.
Laag 1 – Somatische intuïtie: het lichaam als eerste lezer
Dit is de meest directe laag. Mijn lichaam scant voortdurend: gezichtsuitdrukkingen, ademritme, spierspanning, stemintonatie, lichaamsoriëntatie. Die informatie wordt razendsnel verwerkt, grotendeels buiten het bewuste denken.
Wat ik merk, zijn de signalen die dat proces aan de oppervlakte brengt:
Een knoop in mijn maag. Kippenvel. Een plotseling lege plek in mezelf. Een dichtgeknepen keel.
Ik ben opgegroeid met een sterk ontwikkeld gevoel voor onderstromen. Als kind al voelde ik wat er tussen mensen speelde, wat er niet gezegd werd. Dat maakte me alert, soms te alert. In mijn eigen therapie heb ik geleerd onderscheid te maken tussen wat van mij is en wat ik oppik van de buitenwereld. Dat onderscheid is de kern van bruikbare somatische intuïtie: je kunt het alleen betrouwbaar gebruiken als je je eigen lichaam kent.
Theorie die dit onderschrijft: neuroceptie (Porges), interoceptie (Bud Craig) en embodied cognition. Ons lichaam is geen bijrijder van ons hoofd, het is een zelfstandig waarnemingssysteem.
Laag 2 – Systemische resonantie: voelen wat tussen mensen leeft
De tweede laag gaat over systemen. Families, relaties, werkomgevingen. Overal ontstaan patronen: rollen, loyaliteiten, onuitgesproken regels, onverwerkte pijn die wordt doorgegeven.
Wat systemisch werk al decennia laat zien – en wat ik in mijn eigen praktijk keer op keer meemaak – is dat mensen lichamelijk reageren op dynamieken in een systeem, ook als ze het verhaal nog niet kennen. Het lichaam weet meer dan ons brein op dat moment kan bevatten.
In sessies merk ik dit als: een plotselinge zwaarte als iemand over zijn vader spreekt. Ruimte die opens als iemand eindelijk iets uitspreekt wat al lang onzichtbaar aanwezig was. Een strakheid in mezelf die verdwijnt op het moment dat iemand zijn loyaliteit aan een ouder (h)erkent.
Ik noem dit resonantie, als beschrijving van een functioneel proces. Mijn zenuwstelsel koppelt aan het zenuwstelsel van de ander. Mijn lichaam voelt het systeem waar hij of zij in staat.
Dit vraagt nauwkeurigheid. Ik moet weten wat mijn eigen ‘grondtoon’ is om te kunnen herkennen wat er bijkomt. Dat is een voortdurende oefening; in sessies, maar ook daarbuiten.
Laag 3 – Veldbewustzijn: wat er in de ruimte hangt
De derde laag is de subtielste. Veldbewustzijn gaat over iets wat groter is dan de twee mensen in de kamer. De gezamenlijke ruimte die tussen hen ontstaat, de sfeer die een systeem draagt, de kwaliteit van aanwezigheid.
Ik kan dit het beste beschrijven met een voorbeeld. Soms stap ik een sessie in en er is een soort… dichtheid, of stroperigheid. Alsof de lucht diffuus of vol is. Niet negatief per se, maar zwaar van iets wat wil worden uitgesproken. Andere keren is er een onverwachte leegte; iemand vertelt intensief, maar er is weinig lichamelijk besef, gevoel wordt afgesneden. Dan is de afstand zelf de informatie.
Dit veld is niet persoonlijk van de cliënt, en niet persoonlijk van mij. Het is gedeeld. Het ontstaat in de ontmoeting.
Ik heb geleerd dit niet weg te redeneren, maar ook niet te groot te maken. Het is één signaal naast andere. Maar soms is het juist dit laagfrequente gevoel dat de richting van een sessie bepaalt. Nog voor de eerste echte zin is gevallen.
Geen gave, een vaardigheid
Wanneer ik dit beschrijf, hoor ik soms de vraag: “Maar is dat niet iets wat jij gewoon hebt? Wat de meeste mensen niet hebben? Iets als een zesde zintuig?”
Gedeeltelijk ja. Ik ben van kinds af aan sterk somatisch en systemisch ingesteld. Maar wat ik in de loop van jaren heb geleerd, is dat dit voor een groot deel een vaardigheid is. Een die ontwikkeld kan worden, mits je bereid bent ook je eigen lichaam en systeem te leren kennen.
De meeste mensen kennen de bouwstenen al:
Je voelt dat iemand iets achterhoudt. Je merkt dat een gesprek niet lekker loopt zonder te weten waarom. Je voelt opluchting als iemand eindelijk iets uitspreekt. Je wordt onrustig in een ruimte waar iedereen “gewoon” of “aardig” doet.
Dat zijn geen toevallige ervaringen. Dat is somatische systeemperceptie in ruwe vorm. Wat ontbreekt is meestal niet het gevoel, maar het vertrouwen erin en de taal om het te benoemen.
We zijn grootgebracht met het idee dat kennis door het hoofd gaat. Analyse, verklaring, bewijs. Het lichaam telde pas mee als het pijn deed. Maar onder die laag van denken ligt een veel subtieler kompas. Eén dat al die tijd heeft meegelopen, al werd het zelden serieus genomen.
Hoe dit er in mijn praktijk uitziet
Ik werk lichaamsgericht, systemisch en traumasensitief. Dat betekent dat ik zowel met het individuele lichaam werk als met de bredere context: het gezin, de familie, de patronen die generaties lang zijn meegegeven.
Somatische systeemperceptie is daarin geen techniek. Het is de onderlaag. De manier waarop ik aanwezig ben.
Ik luister naar het verhaal. Maar ik luister ook naar wat het lichaam zegt terwijl het verhaal verteld wordt. Naar waar iemand versnelt. Wanneer iemand onzichtbaar vertrekt. Naar welk woord vermeden wordt. Naar de stilte die valt na een zin die misschien wel de kern is, maar die nog niet als zodanig herkend wordt.
En ik luister naar mezelf. Naar wat er in mij beweegt, opkomt, stilvalt.
Niet om mezelf te projecteren, maar om het veld te lezen.
Het lichaam heeft al een antwoord op het moment dat het hoofd de vraag nog aan het formuleren is.
Dat is de kern van somatische systeemperceptie. En het is, na al die jaren, nog steeds het meest betrouwbare kompas dat ik ken.
Ik weet hoe het is om je te veel te voelen en tegelijkertijd te groot te zijn voor de ruimte die je kreeg. Hoe het is om je zodanig aan te passen, dat je niet meer weet wie je bent. En dan, terug te vinden wat er altijd al was. Dit is waarom ik het werk doe zoals ik het doe. Ik ben het.
Bronnen en inspiratie
- Polyvagaaltheorie en neuroceptie: Stephen Porges — The Polyvagal Theory
- Trauma en lichaamsbewustzijn: Bessel van der Kolk — The Body Keeps the Score
- Somatic experiencing: Peter Levine — Waking the Tiger
- Systemisch werk: Bert Hellinger — Orders of Love
- Embodied cognition: Antonio Damasio — The Feeling of What Happens
- Interoceptie: Bud Craig — onderzoek naar interoceptie en lichaamsbewustzijn